Nieuwsbrief 5 – juni 2016

Enkele kanttekeningen bij de studiedag over Stem – kansen en bedreigingen

Op 11 mei 2016 organiseerde UCSIA een studienamiddag over STEM (science, technology, engineering, mathematics). Dit jaar heeft een 50-tal scholen Stem ingevoerd en is er sprake van een grote toename vanaf volgend jaar. Tijd om deze vernieuwing onder de aandacht te brengen en ons standpunt te bepalen. Op dit ogenblik wordt Stem inhoudelijk zeer verschillend ingevuld. Er is geen echt programma, geen specifieke opleiding en de kwaliteit hangt af van de specifieke context (leraren, infrastructuur, schoolbeleid …). Heel wat vragen kunnen hierbij gesteld worden. Wat is de achterliggende bedoeling? Hoe wordt Stem ingevuld? Welke specifieke inhouden worden  gegeven? Welke gevolgen heeft het invoeren van Stem? Waarom kiezen scholen voor Stem? Vanuit verschillende invalshoeken gaven diverse sprekers hun visie.

Nieuwe hype of fundamentele hervorming? 

 De weinig transparante toestand weerspiegelt zowel de ontstaansgeschiedenis als de bedoeling: een onderwijs gericht op arbeidsmarkt, het neerhalen (domeinscholen) of vervagen van de schotten tussen aso en tso en een ‘nieuwe’ opvatting over algemene vorming.

  1. Arbeidsmarkt gericht: de combinatie van wiskunde en wetenschappen enerzijds en technologie en engineering anderzijds suggereert in ieder geval de dienstbaarheid van wiskunde en wetenschappen aan praktische doeleinden. De bedrijfswereld is vragende partij en een van de stakeholders (Serv) bij de adviesorganen van de overheid. Afhankelijk van de inhoudelijke invulling leiden de uren die in de eerste graad aan Stem besteed worden, naar de sterke afdeling wiskunde-wetenschappen, en naar een eventuele ingenieursopleiding (een knelpuntberoep). Het vak kan projectmatig uitgewerkt worden of meer gericht op de specifieke vakken, meer praktisch (en eerder aansluitend op het tso) of meer theoretisch (aansluitend op het aso, zie punt 5: concreet voorbeeld). Van de verhouding en de accenten hangen de specificiteit en de kwaliteit af.

Dreigt die instrumentele finaliteit van ons onderwijs, een tendens die al een hele tijd in ons onderwijs merkbaar is, niet het algemeen vormende karakter te verengen?  Die vraag stelde UCSIA in haar aankondigingstekst. Gebeurt de invoering niet ten nadele van de humane vakken als geschiedenis (er zijn voorbeelden van scholen die geschiedenisuren afschaffen). Worden de vakken in hun intrinsieke waarde erkend? Hierover getuigden de bijdragen van de laatste sprekers van de namiddag (J. De Meyere, R. Frans).
Onze Europese cultuur stelde altijd belang in het ‘belangeloze’ weten, de verwondering, de nieuwsgierigheid, de schoonheid en het stellen van vragen, die het nuttigheidsdenken ver overschrijdt, zoals Samira Le Grand, winnares van de wiskundeolympiade die belangeloze liefde voor de wiskunde uitdrukt: “ Je vraagt een dichter toch ook niet waarom z’n poëzie niet toegepast is? Als het mooi is, volstaat het” (DS, 19 mei 2016). Natuurlijk is niet iedereen vatbaar voor de schoonheid van de wiskunde. Niet  alle leerlingen hebben dezelfde interesses en mogelijkheden maar alle kwaliteiten dienen bij alle leerlingen aangesproken te worden.

Maar zijn de vakken niet alle onder de voogdij van het nut gesteld? Pijnlijk duidelijk is dit als je de humane vakken en talen onder de loep neemt.

Wat is uw mening? Deel deze mee via contact op onze website: www.oogvandemeester.be 

  1. Ideologische achtergrond

Om die kritiek te pareren wordt een ideologisch kader opgetrokken. Stem wordt dan als algemene, brede vorming voor iedereen voorgesteld, zodat de onderscheidingen tussen tso en aso vervagen. De technologie en arbeid zijn immers een deel van ons menselijk functioneren.

Dat hangt nauw samen met de visie over de mens, die we willen vormen. Dit is niet de plaats om er diepgaand op in te gaan. We focussen even op het taalonderwijs. Ook daar staat de bruikbaarheid voorop en ligt de nadruk op de communicatieve vaardigheden. Dit is legitiem maar niet voldoende. Inzicht in de taal (grammatica), literatuur, poëzie worden verwaarloosd, al doen leraren hun best om het euvel te verhelpen. Zo verdedigt Ruth Lasters (Xaveriuscollege, Borgerhout) het literatuuronderwijs bij leerlingen van het bso omwille van de emotionele meerwaarde (zie ook M. Nussbaum in haar boek Niet voor de winst). Bovendien dreigt een belangrijk cultureel erfgoed ten onder te gaan.

Welke ervaringen hebt u in uw school? Deel deze mee via contact op onze website: www.oogvandemeester.be

     3. Winst – verlies

Winst voor wetenschappen en wiskunde en het vakoverschrijdend werken.

Projecten  zijn nuttige manieren van werken maar kent ook beperkingen.

Zijn de leerplannen voldoende op elkaar afgestemd zodat samenwerken mogelijk wordt?

Verlies voor de humane vakken. Het probleem van klassieke talen: welke waarden gaan verloren? De traditioneel sterke richtingen klassieke talen gecombineerd met wiskunde en wetenschappen (evenwicht tussen wetenschappen/wiskunde en humane vakken) krijgen concurrentie.

Betekent dat niet een algemene verzwakking van de taalafdelingen?

Wat is uw mening?

      4. Schotten – tso in defensief

 Het watervalsysteem wordt vooral door de ouders geïnstalleerd en tso scoort in sommige domeinen zwak. Stem zou daaraan tegemoet komen. Volgens M. Caerdinaels (directeur Technisch instituut Sint-Michiel, Bree), bestaat trouwens Stem reeds onder de vorm van  Industriële Wetenschappen (IW) en Electro-Mechanica (EM). De domeinscholen zouden de onderscheidingen minder duidelijk maken. De overheid heeft echter voor de ‘zachte’ hervorming gekozen door de scholen vrijheid te geven (keuze tussen domeinschool of traditionele indeling aso, tso, bso vanaf de eerste graad). De scholen zullen allicht zoveel mogelijk aansluiten bij  de traditionele schoolcultuur.

Is er een antwoord op het watervalsysteem? Stappen scholen uit pure concurrentie over naar een Stemafdeling of uit intrinsieke motivatie.

Laat het ons weten.

    5. Concreet voorbeeld:

Op de studiedag presenteerde Natacha Gesquière hoe op Sint-Bavo, Gent, de 5u Stem wordt ingevuld. Hier wordt duidelijk gekozen voor een sterk cognitieve invalshoek (examens) en een brede opleiding met sterke wiskunde (2 extra uren), 1u programmeren, en 3 u wetenschapproject met praktische toepassingen (met maatschappelijk, ecologisch en cultureel belang). Daar is co-teaching voorzien van 2 leraren en een coördinator. Naast klassieke examens is er projectwerking, die vakoverschrijdend is.

Hoe wordt Stem in uw school ingevuld? Welke ervaringen?

Oproep als besluit

Stuur deze nieuwsbrief door naar collega’s en geïnteresseerden. Geef uw mening op bovenstaande vragen. Laat het ons weten via contact op onze site: www.oogvandemeester.be

Agnes Claeys

Even uw aandacht voor de volgende petitie voor het behoud van het Grieks als schoolvak:

https://secure.avaaz.org/nl/petition/Vlaams_Minister_van_Onderwijs_Hilde_Crevits_Behoud_het_Grieks_in_het_Middelbaar_Onderwijs_1/?esPKyhb