12 december 2019, Geef kinderen eerst de taal en dan pas het woord

Mia Doornaert, De Standaard

De kwaliteit van ons onderwijs dendert achteruit. Dat was al lang merkbaar, maar werd door ‘experts’ vurig tegengesproken. Met het blote oog en oor kon iedereen die een beetje inzit met onderwijs, en dus met gelijke kansen, de taal- en onderwijs­verloedering vaststellen. Maar dan werd je telkens om de oren geslagen met ‘wetenschappelijke studies’ die het tegen­gestelde wilden bewijzen. Zo is het nu eenmaal. Hoe hoger de opleiding, hoe groter de spitsvondigheid, of de ideologische verbetenheid, om aan te tonen dat wit eigenlijk zwart is, of omgekeerd. Herinner u bijvoorbeeld hoe ons jarenlang werd voorgehouden dat toenemende onveiligheid maar een ‘gevoel’ was.

Maar goed, nu gaat het om de resultaten van het driejaarlijkse Pisa-onderzoek. Dat toont dat bijna 20 procent van de Vlaamse jongeren ondermaats scoort op begrijpend lezen. Dat is een onvermijdelijk gevolg van de idiote tegenstelling tussen ‘kennis’ en ‘vaardigheden’. En van het geschetter dat onderwijs leuk moet zijn, en moet aansluiten bij de leefwereld van kinderen.

De ‘experts’ mogen komen uitleggen met welke ‘vaardigheden’ jongeren het leven worden ingestuurd als ze zelfs geen handleiding of een administratieve mededeling kunnen begrijpen. In Vlaanderen heeft bijna een vijfde van de scholieren daar moeite mee, in Nederland, progressief gidsland, is zelfs een kwart van de vijftienjarigen daar niet toe in staat.

Het kan echt niet de bedoeling zijn van jongeren een kennisloos vat zonder geheugen te maken

Dat onze jeugd zo slecht scoort op begrijpend lezen, ligt aan de verwaarlozing van kennisoverdracht. Begrijpend lezen is geen losstaande ‘vaardigheid’. Lezen is iets anders dan letters spellen. Niet leukheid, maar kennis reikt jongeren de nodige handvatten aan om een tekst te begrijpen met termen die buiten hun ‘leefwereld’ vallen. Overigens, in de meest kwetsbare gezinnen zal die leefwereld beperkt zijn – geen rijke taal, geen boeken in huis, geen museum- of theaterbezoek, geen reizen. Het is de taak van de school om de ongelijkheid te corrigeren, door horizonten te verruimen.

Nog een gruwelijke misvatting is dat kennis achterhaald is. In het internettijdperk kun je alles opzoeken, nietwaar. Het kan echt niet de bedoeling zijn van jongeren een kennisloos vat zonder geheugen te maken. Zo is het bedroevend dat ook in het lager onderwijs nog nauwelijks iets uit het hoofd geleerd moet worden. Zelfs de tafels van vermenigvuldiging, excuseer, de maaltafels, worden er niet meer ingeheid. Daarmee wordt een uiterst belangrijke faculteit, het geheugen, niet geoefend. Een simpele, maar juiste, vergelijking, stelt het geheugen gelijk met een blok was. Wanneer je jong bent, is de was zacht, en alles wat erin gaat, staat diep gegroefd. Hoe ouder je wordt, hoe meer de was verhardt en hoe minder diep de groeven zijn. Dat kan iedereen bij zichzelf vaststellen. Je hoeft bijvoorbeeld maar een song te horen waarop je ooit als tiener gedanst hebt en de woorden keren zo terug.

Een belangrijke taak van het lager onderwijs bestaat er juist in die faculteit maximaal te ontwikkelen. Het brengt je levenslang woordenschat en elementaire spraakkunst bij, een rekenkundige basis, begrippen en data van geschiedenis en aardrijkskunde – sorry, dat mag je ook niet meer zeggen, want in de verkleuterde onderwijstermen zijn die ‘tijd’ en ‘ruimte’ geworden.

Nee, de nadruk moet nu liggen op ‘ontdekkend leren’ en ‘kritisch benaderen’. Wat in godsnaam kan een kind kritisch benaderen zonder taalbeheersing en zonder basiskennis? Geef de kinderen de taal, voor je ze het woord geeft. En breng ze kennis bij voor je tot een kritische discussie overgaat, anders ontaardt die louter in kreten.

Misschien was het destijds niet altijd leuk om de tafels van vermenigvuldiging op te dreunen. Maar ze bleven wel zitten en leverden de ‘vaardigheid’ van hoofdrekenen op die nu verdwenen lijkt. En de kennis die in de lagere en middelbare school blijvend werd ingeheid/bijgebracht, verschafte een brede kapstok met de nodige haken om latere studie en lectuur aan op te hangen. Hoe minder haken aan de kapstok, hoe moeilijker studie en zelfstudie wordt. Het resultaat van de verwaarlozing van kennis is een aanzienlijke groep functionele analfabeten die zelfs geen bijkomende opleiding kunnen volgen of een proces-verbaal begrijpen, en dus een allesbehalve leuk leven tegemoet gaan. Pisa toont het: een ‘inclusief’ onderwijs dat ten koste van kwaliteit gaat, doet zowel de meest begaafde als de meest kwetsbare leerlingen onrecht aan.