Apologie van de school – een publieke zaak (Jan Masschelein en Maarten Simons)

Hoewel de school steeds symbool heeft gestaan voor vooruitgang en een betere toekomst, is het tegelijkertijd zo dat ze vanaf haar ontstaan niet uit de beklaagdenbank is geraakt. Haar functioneren maar vooral ook haar maatschappelijke rol en haar bestaan zelf stonden voortdurend ter discussie.

Welke zijn de aanklachten vandaag? Om te beginnen maakt de school zich schuldig aan wereldvreemdheid : ze is een eiland met gebrekkige aansluiting bij de arbeidsmarkt en bij de leefwereld van leerlingen, de leerstof is niet relevant. Ten tweede draagt de school bij tot machtsbestendiging : de reproductie van sociale ongelijkheid, te weinig gelijke kansen. Ten derde wordt ze beticht van demotivering van de jeugd: er is te veel conservatisme en immobilisme, te weinig aandacht gaat naar het welbevinden van leerlingen, naar hun leerplezier en talenten. Ten vierde schiet de school tekort inzake effectiviteit en inzetbaarheid: ze produceert niet op de gewenste manier de gewenste leerresultaten.

Deze aanklachten vertalen zich voor sommigen in de (oude en bekende) eis om de school grondig te hervormen. Anderen gaan nog een stap verder en stellen dat de school eigenlijk overbodig is geworden wegens een gebrek aan meerwaarde in tijden van internet en elders verworven kwalificaties.

Deze verdedigingsrede weerlegt de aantijgingen tegen de school.