14 januari 2020: Gelijke kansen? Forget it

Historici en politicologen waarschuwen voor de verengelsing van het hoger onderwijs, nu het ernaar uitziet dat het percentage anderstalige vakken in bachelors zal stijgen.

De regering-Jambon wil de taalwet op het hoger onderwijs versoepelen, zodat het Engels ruim baan krijgt in de bacheloropleidingen (DS 6 januari). Daarmee volgt Vlaanderen het voorbeeld van Nederland, waar het hoger onderwijs grotendeels is verengelst. Aan de University of Twente, bijvoorbeeld, wordt Nederlands sinds 1 januari nauwelijks meer geduld. Engels is er voortaan ook de enige bestuurstaal. Het bestuur adviseert de universitaire gemeenschap ook in de studentenvereniging, bij de huisarts en de supermarkt zo veel mogelijk Engels te spreken.

Terwijl die verengelsing in Nederland tot hevig protest leidt, blijft het in Vlaanderen stil. Mogelijk komt dat omdat velen niet kunnen geloven dat een regering onder de leiding van een Vlaams-nationalist de deur wagenwijd open zou zetten voor de verengelsing van het hoger onderwijs. Minister-president Jan Jambon (N-VA) en zijn partijgenoten in de regering kennen toch de geschiedenis van de Vlaamse beweging, die jaren strijd voerde voor de vernederlandsing van het hoger onderwijs? Zij zijn de erfgenamen van die beweging, die het misprijzen en de neerbuigende welwillendheid van Franstalige elites voor de taal van het gewone volk met succes heeft doen kantelen. Nederlands werd als taal van het hoger onderwijs een hefboom voor de emancipatie van Vlaanderen. De N-VA lijkt de bestaansreden van de Vlaamse beweging vergeten.

Versoepeling of niet?

De vorige Vlaamse regeringen, met Vlaams-nationalisten mee aan de knoppen, hebben de taalregeling op het hoger onderwijs al gevoelig versoepeld. Een sluipend, maar gestaag proces van verengelsing trok zich sindsdien op gang, sussende rapporten van de Taalunie ten spijt. De Vlaamse regering bewijst wel lippendienst aan het belang van het Nederlands als academische taal, maar zou voor Kerstmis stoemelings beslist hebben om bij de formeel ‘Nederlandstalige’ bachelors het maximale aandeel Engelstalige vakken op te trekken van 18,33 procent tot maar liefst de helft (boven op de al in het regeer­akkoord vermelde verhoging van het quotum Engelstalige bacheloropleidingen).

Het wordt tijd dat de verdedigers van het Nederlands in Vlaanderen in actie schieten. Waarom horen we de Vlaamse beweging niet?

Ben Weyts, de eerste Vlaams-nationalistische minister van Onderwijs, ontkent dat de beslissing al genomen zou zijn. Maar intussen zou er wel al een voorontwerp van decreet in die zin voor advies naar de Raad van State zijn gestuurd, een stap die normaal alleen gezet wordt na een regeringsbeslissing.

Het wordt hoog tijd dat de verdedigers van het Nederlands in Vlaanderen in actie schieten. Waarom horen we de traditionele Vlaamse beweging niet? Waar zijn de Cultuurfondsen? Leeft de Vlaamse Volksbeweging nog? Hallo Orde van den Prince, Marnixring? Zij zouden samen met ons kunnen vragen waarom de taalregeling na amper tien jaar blijkbaar al niet meer voldoet. Die biedt toch volop ruimte voor Engelstalig onderwijs waar dat gepast is, namelijk voor bepaalde gespecialiseerde (master na) masters en uitwisselings­programma’s voor een internationaal publiek? Waarom moeten de bachelors zo nodig verder verengelsen, terwijl dat op dat basisniveau aan de universiteit én de hogeschool toch niet bepaald voor de hand ligt? Moet daar geen maatschappelijk debat over worden gevoerd? Of laten we de beslissing over aan het lobbywerk van invloedrijke bestuurders van hogescholen en universiteiten?

Point of no return

Vanuit een rendementslogica hopen die bestuurders inkomsten en vooral prestigewinst (lees: een paar plaatsjes winst in de betwistbare rankings) te putten uit veel meer buitenlandse studenten. Alleen de bachelors, met hun hoge studentenaantallen, kunnen de benodigde grote getallen leveren. Net als bij voorgaande versoepelingen zal het aantal Engelstalige opleidingen en vakken de quota weer snel bereiken, waarop de roep om verdere uitholling snel zal klinken. Het is duidelijk dat met de voorstellen die nu op tafel liggen het point of no return bereikt wordt. Als ze aangenomen worden, is het een kwestie van tijd voor het Nederlands volstrekt marginaal wordt in het Vlaamse hoger onderwijs.

Waarom is dat erg? De reductie van het Nederlands tot huis-tuin-en-keukentaal, zoals aan de University of Twente, is niet alleen een cultureel probleem. Aan taalverschraling zijn pedagogische risico’s verbonden. Daarnaast zien wij vooral maatschappelijke bezwaren. Hoger onderwijs in het Nederlands is een belangrijke democratische verworvenheid. De verregaande verengelsing van de bachelors uit marktoverwegingen brengt die verworvenheid ernstig in het gedrang. Zoals de Vlaamse Vereniging van Studenten al terecht aangaf, bemoeilijkt de extra taalbarrière de toegankelijkheid van de hogeschool en de universiteit. Zoals destijds aan de Franstalige universiteiten in Vlaanderen, zijn het de studenten met een groot sociaal en cultureel kapitaal van thuis uit die in dit systeem floreren. Gelijke kansen? Forget it!

Academisch Nederlands stelt veel studenten nu al voor ernstige problemen. Docenten zullen met al die verengelste vakken en de extra toestroom van buitenlandse studenten nog minder tijd kunnen besteden aan elke student, aangezien het bestaande personeelskader dat er eenvoudigweg bij zal moeten nemen. De verengelsing vervreemdt de universiteiten en hogescholen van de bevolking die ze via de belastingen financiert. De taal van het hoger onderwijs heeft een evident maatschappelijk belang. De verengelsing van de helft van de bachelorvakken kan dus niet overgelaten worden aan sluipende én overhaaste besluitvormingsprocessen, maar moet het voorwerp zijn van publiek debat.

GITA DENECKERE, BRUNO DE WEVER, BART MADDENS, DAVE SINARDET, HENDRIK VOS, ANTOON VRINTS

Historici en politicologen van de UGent, KULeuven en VUB. (De Standaard, 14 januari 2020)